Op een computer waarop Windows wordt uitgevoerd kunt u als client van een FileMaker Pro-bestand met een OLE-object het bestand bewerken als u beschikt over de toepassing waarmee het bestand is gemaakt of over een toepassing waarmee u het bestand kunt converteren.
Wanneer er verschillende gebruikers aan een bestand werken, kan een ingesloten OLE-object in FileMaker Pro door slechts één gebruiker tegelijk worden bijgewerkt. Wel kunnen twee gebruikers extern toegang krijgen tot een koppelingsbron (via een koppeling in een andere
record of door het bronbestand rechtstreeks te openen).
Alle toegangsprivileges en privileges voor het beveiligen van records in FileMaker Pro zijn ook van toepassing op OLE-objecten. Als u toegang hebt tot een gekoppeld bestand op een netwerk, wordt gezocht naar het bronbestand op het netwerk wanneer de koppeling wordt geactiveerd.
|
|
|
|
|
Mac OS-gebruikers kunnen ingesloten en gekoppelde OLE-objecten weergeven als afbeeldingen, maar zij kunnen deze objecten niet bewerken.
Mac OS-gebruikers kunnen OLE-objecten knippen en plakken. Wanneer FileMaker Pro de bron en het doel van het plakken is, blijven OLE-objecten ongewijzigd en kunnen ze later worden geactiveerd en bewerkt op een computer waarop Windows wordt uitgevoerd.
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|