Records exporteren
Doel 
Met deze scriptstap exporteert u records naar een door u opgegeven bestand.
Notatie 
Records exporteren [Zonder dialoogvenster; “<naam uitvoerbestand>”; Automatisch openen; E-mail maken;< platform en tekenset>]
Opties 
  •
Zonder dialoogvenster voorkomt dat bepaalde dialoogvensters worden weergegeven wanneer de scriptstap wordt uitgevoerd vanuit FileMaker Pro. In deze dialoogvensters zou de gebruiker nieuwe exportcriteria kunnen instellen.
  •
Schakel Uitvoerbestand opgeven in of klik op Opgeven om een dialoogvenster weer te geven waarin u het bestand en het bestandstype waarnaar u wilt exporteren kunt opgeven. Kies de map waarnaar u wilt exporteren of typ het mappad rechtstreeks in de lijst. Geef één pad per regel op. FileMaker Pro gebruikt het pad dat het eerst wordt gevonden. Zie Bestandspaden maken. De importeervereisten van het programma waarin de geëxporteerde gegevens worden gebruikt, bepalen welk bestandstype u moet kiezen. U kunt ook bepalen wat er gebeurt na het opslaan: Bestand automatisch openen en E-mail maken met bestand als bijlage.
Opmerking  U kunt records exporteren als een Microsoft Excel- of Excel 2007-werkblad door Excel 95-2004-werkmap (.xls) of Excel-werkmappen (.xlsx) in de lijst Bestandstype te kiezen. Zie Records opslaan en verzenden als een Excel-bestand voor meer informatie over het opslaan van FileMaker Pro-bestanden als Excel-bestanden.
Als u XML als het exportbestandstype opgeeft, verschijnt het dialoogvenster XML- en XSL-opties opgeven, waarin u een XML-grammatica kunt opgeven en een XSLT-opmaakmodel kunt kiezen als u de XML wilt omzetten. De XSLT-bron kan een bestand zijn, het resultaat van een HTTP-verzoek of het resultaat van een berekening die een bestandspad of een HTTP-verzoek genereert.
Opmerking  Exporteer geen velden waarvan de naam geheel numeriek is (zoals "2") of uit een kana-teken van één byte bestaat (Japanse versie) met de FMPDSORESULT-grammatica.
  •
Schakel Exporteervolgorde opgeven in of klik op Opgeven om de exporteervolgorde te gebruiken die werd gehanteerd toen u de scriptstap toevoegde. De volgorde voor exporteren die het laatst is gebruikt in het bestand wordt als standaardwaarde weergegeven, maar deze waarde kan worden gewijzigd of verwijderd. Kies zo nodig een tekenset voor het uitvoerbestand in de lijst. Selecteer de optie Gegevensopm. van huidige lay-out toepassen op geëxport. gegevens,. Anders wordt de opmaak van de laatst geëxporteerde gegevens gebruikt.
Compatibiliteit 
Deze scriptstap wordt:
  •
  •
Beschrijving 
U kunt de exporteervolgorde opgeven voordat u deze scriptstap toevoegt of de stap uitvoeren met een dialoogvenster waarin de gebruiker nieuwe criteria kan opgeven. Met Records exporteren exporteert u alle records die op dat moment worden doorzocht. Gebruik een zoekopdracht voordat u de scriptstap Records exporteren gebruikt als u het aantal records dat u exporteert, wilt beperken.
Wanneer u deze scriptstap opneemt in scripts die in FileMaker Server zijn gepland en u niet Zonder dialoogvenster inschakelt in het dialoogvenster Script bewerken, verschijnt de tekst (NIET compatibel) na de scriptstap. Het script wordt echter wel uitgevoerd en gedraagt zich hetzelfde als wanneer Zonder dialoogvenster wel was ingeschakeld. Zie Get ( LijstDocumentenpad ) function voor meer informatie.
Opmerkingen
  •
Wanneer u de scriptstap Records exporteren of Records importeren gebruikt in een in FileMaker Server gepland script, moet u het volgende in gedachten houden:
  •
Elk opgegeven bestand moet in de map Documenten van FileMaker Server, de tijdelijke map of een onderliggende map van de map Documenten van FileMaker Server of van de tijdelijke map staan. Dit zijn bijvoorbeeld geldige mappen voor bestand.csv:
<Documenten>/bestand.csv
<Pad tijdelijke map>/bestand.csv
<Documenten>/Map1/bestand.csv
<Pad tijdelijke map>/Map1/Map2/Map3/Map4/bestand.csv
  •
Elk opgegeven pad dat niet een compleet pad naar het bestand is (bijvoorbeeld alles wat niet
/Library/FileMaker Server/Data/Documenten/<0 of meer directory's>/<bestandsnaam> is) wordt geëvalueerd als zijnde gerelateerd aan het tijdelijke pad.
  •
  •
Als er geen absoluut pad is opgegeven in een script dat wordt uitgevoerd vanuit FileMaker Pro, wordt voor FileMaker Pro verondersteld dat het pad verwijst naar de locatie van het databasebestand waaruit het script is uitgevoerd. Als bijvoorbeeld een script met de scriptstap Records exporteren wordt uitgevoerd met de padnaam bestand:/export.tab, en het bestand dat het script uitvoert /Mijnbestanden/Bibliotheek/Boeken.fp7 is, wordt het geëxporteerde bestand gemaakt als /Mijnbestanden/Bibliotheek/export.tab.
Voorbeelden 
Ga naar lay-out ["Lay-out nr. 4"]
Records exporteren [Geen dialoogvenster, "Contactpersonen"]
Verwante onderwerpen 
Records importeren script step
Naslaggegevens voor scriptstappen (alfabetisch overzicht)
Naslaggegevens voor scriptstappen (lijst met categorieën)